‘Ik wilde alles doen wat in mijn vermogen lag’

02/11/2016 Francisca Kramer Julie Blik

Differend, afscheid, uitvaart, Jan Bert ter Steege, The Ice Man

Op dinsdag liep hij nog tien kilometer hard, op donderdag werd zijn doodvonnis getekend. Twee jaar later zit er een vitale man voor me. Jan Bert ter Steege, 47 en vader van twee jonge kinderen, is nog lang niet van plan om dood te gaan.

Hij heeft vriendelijke ogen en een rustig voorkomen. De pezige man is gekleurd door de zon. In niets is te zien dat hij volgens medische maatstaven inmiddels al begraven of gecremeerd zou moeten zijn. Op een zonnige zondag vertelt hij zijn wonderlijke verhaal.

Als domineeszoon zijn wonderen hem niet vreemd. “In mijn ziekteproces ben ik teruggegaan naar het jongetje dat ik op mijn veertiende was. Altijd buiten, rommelend in de moestuin. En heel religieus. God was voor mij een realistische entiteit. Ik ga al jaren niet meer naar de kerk, maar dankzij mijn achtergrond kon ik het spirituele lijntje zo weer openen.” Inmiddels verdiept Jan Bert zich in boeddhisme en taoïsme.

De langste nacht

Jan Berts verhaal over zijn ziekte begint twee jaar geleden. “Al langer had ik last van mijn heup en ik was al een paar keer bij de fysiotherapeut geweest. Ook moest ik steeds vaker plassen. Als ik lang in de auto reed, moest ik onderweg stoppen. Toen ik tussen twee opdrachten in zat en dus meer tijd had, begon ik te googelen. Het werd me snel duidelijk dat er iets met mijn blaas of prostaat aan de hand moest zijn en ging naar de dokter.”

Toen hij de volgende dag met zijn twee jongens van toen 6 en 4 in de speeltuin was, had hij zes oproepen gemist. Drie van zijn huisarts en drie van Jeanette, zijn vrouw. “Die nacht werd de langste nacht uit mijn leven. De dokter had onomwonden gezegd dat hij heel slecht nieuws had. Waar een normale PSA-waarde, de indicator die prostaatcellen meet, 2.5 is voor een man van mijn leeftijd, was die bij mij 1100. Dat betekende dat ik volop kanker in mijn lijf had.

De volgende dag zat ik bij de uroloog. ‘Hoe lang heb ik nog?’, vroeg ik. ‘Nog maximaal twee jaar’, was het antwoord. Er bleken uitzaaiingen te zijn in mijn heup en lies.” Jan Bert moest meteen met krukken gaan lopen. Omdat de heup zo zwak was, bestond het gevaar dat deze in zou instorten. “Ik kreeg van iedereen vragen. Eerst lulde ik er wat omheen, maar sommigen vroegen door en dan moest ik het wel zeggen. Vreselijk moeilijk was dat.”

Hoop

Jan Bert besloot het heft in eigen handen te nemen. Allereerst door naar het Antonie van Leeuwenhoek Ziekenhuis te gaan, gespecialiseerd in kanker. “De arts daar was geweldig. In een gesprek van anderhalf uur nam hij het hele dossier met mij door. En: hij gaf mij hoop. Want ondanks die extreme waarden, zat de kanker toch maar op drie plekken in mijn lijf waardoor hij bestraling een optie vond. Daar was wel stevig overleg voor nodig, want normaal gesproken wordt er met zulke uitslagen ingezet op palliatief behandelen, dus pijnstillend en eventueel levensverlengend. Een curatieve behandeling, gericht op genezing, was niet meer aan de orde. Maar deze arts heeft zich er sterk voor gemaakt.”

Naast een heftig bestralingstraject en hormoontherapie, gooide Jan Bert het stuur aan alle kanten om. “Ik wilde alles doen wat in mijn vermogen lag. Ik heb twee jonge kinderen, ik heb nog minimaal tien jaar nodig.”

Kou

Inmiddels bestaat zijn leven uit vijf pijlers, zegt hij: het reguliere medische circuit, de liefde van zijn familie en vrienden, voeding, meditatie en… kou. “Een vriend was bij Wim Hof geweest, The Ice Man. Ik was sceptisch, had al zoveel aan mijn kop, maar liet me toch overhalen. In een workshop van een halve dag was ik om. Ik ervoer wat kou met me deed en wilde meer. In de zomer van 2014 vroeg ik twee vrienden om elke week de zee in te gaan. Ze moesten er even over nadenken, maar zeiden ja. Inmiddels leid ik verschillende zwemgroepen in Zandvoort en Egmond aan Zee, met kankerpatiënten maar ook met gezonde mensen. Ieder heeft zijn eigen persoonlijke reden. Kou doet zoveel met het lichaam. Het verdooft, het maakt een oergevoel los, het is goed voor de bloedcirculatie, het vaatstelsel wordt sterker en het immuunsysteem krijgt een boost. In combinatie met ademhalingstechnieken krijgt je hele lichaam een opkikker. Ik douche inmiddels ook alleen nog maar koud.”

Differend, afscheid, uitvaart, Jan Bert ter Steege, The Ice Man

‘Ik was als mens al sterk, maar ben nu tien keer sterker’

Jan Bert ter Steege

Naast het zwemmen in zee is ook zijn voedingspatroon totaal veranderd. “Ik volg de adviezen van het Hippocrates Health Institute in Florida. Dat betekent veganistisch eten. Alleen salades, groene bladgroenten, sla, andijvie, komkommer, paprika en avocado’s. Vooral levend eten is goed en daarom kiem ik mijn eigen zaden en bonen. Geen fruit – dat is zodanig gemanipuleerd dat het extreem veel suiker bevat – en geen dierlijke vetten, dus geen vis, zuivel, kaas of vlees. En geen brood. Dat laatste lukte niet direct, ik miste het om een vol gevoel te hebben, maar dat los ik nu op door boekweit te kiemen. Dat moet veel gespoeld worden omdat er een soort slijm vanaf komt. Met biologisch kaneel en vanille van de natuurwinkel geef ik er smaak aan. Noten eet ik wel, maar die wel ik een nacht om het gif eruit te halen. Daarna droog ik ze in de oven op 40 graden. Meer warmte haalt voedingsstoffen eruit. Heel extreem inderdaad, maar ik heb me nog nooit zo goed gevoeld als nu.”

Onthechten

Hoe extreem zijn eetgewoontes ook zijn, de meeste kracht komt volgens Jan Bert uit de mind. “Daar draait alles om. Je kunt eten wat je wilt, maar de power zit tussen je oren.” Sinds zijn diagnose heeft hij daarom elke dag gemediteerd. “Ik was als mens al sterk, maar ben nu tien keer sterker.” Het mediteren helpt hem om los te laten. Zelfs zijn kinderen, hoe moeilijk hij dat soms ook vindt. “Mijn vrouw heeft me enorm geholpen door te zeggen dat zij mij altijd zal blijven zien in onze zoons.

Mijn dna zit in hen, in hen leef ik voort. Dat is een waanzinnige gedachte en die helpt mij om te onthechten. Het heeft me ook egoïstischer gemaakt, want ik kan nu alles en iedereen loslaten. Dat is ook nodig om mezelf te beschermen en te kunnen omgaan met de pijn. Maar het brengt vooral rust en acceptatie. De fase dat ik morgen omval is gelukkig voorbij, maar mocht ik volgend jaar toch overlijden, dan is het goed. Hoe graag ik ook minimaal honderd jaar wil worden, hoe graag ik ook nog veel langer voor mijn kinderen wil blijven zorgen.”

‘Ik ben een totaal ander mens geworden’

Met zijn vrouw maakt hij een lastige periode door. “Vroeger was ik kaal, nu heb ik haar en een baard, om maar eens iets te noemen. Ik ben een totaal ander mens geworden. Waar zij klaar is om het oude leven weer op te pakken, ben ik voorgoed veranderd. Twee jaar heeft ze in de overleefstand gestaan. Is keihard gaan werken om de boel draaiend te houden. ‘Binnenkort sta ik er alleen voor’, dacht ze. Ook mijn kinderen hebben een andere vader gekregen. Nee, we hebben het ze niet meteen verteld. Een sterfbed van twee jaar zou voor hen niet te overzien zijn. Inmiddels weten ze dat ik kanker had en dat de kans bestaat dat het terug komt. Ze gaan daar goed mee om en bedenken er hun eigen theorieën bij. ‘Je hebt kanker waaraan je dood gaat en kanker die niet zo erg is’, zegt mijn jongste bijvoorbeeld.”

In maart 2017 mag Jan Bert stoppen met de medicatie. “Dan wordt het spannend. Kan mijn lichaam het zonder?” Aan zijn leefstijl kan het in elk geval niet meer liggen. “Natuurlijk heb ik me afgevraagd waarom ik ziek werd en jij bijvoorbeeld niet. Ik ben ervan overtuigd dat lichaam en geest een zijn. Ik stond altijd onder stress. Was een streber die het goed wilde doen, wilde laten zien wat ik waard was. Door mijn vaders beroep als dominee verhuisden we waardoor ik in de laatste klas van de lagere school op een andere school kwam. Daar werden cijfers gegeven waardoor ik heel langzaam ging werken om het maar zo goed mogelijk te doen. ‘Hij kan met moeite naar de mavo’, was het vonnis van de meester. ‘Als je nou heel hard werkt, kun je misschien mavo/havo’, had mijn vader gezegd. Ik ben keihard gaan werken en kon uiteindelijk naar het VWO en heb daarna in Groningen de universiteit gedaan. Die houding van hard werken met altijd maar deadlines was niet goed voor mij, weet ik nu.”

Jan Bert vertelt over het taoïsme dat hij aanhangt. “Ieder mens heeft een eigen persoonlijke weg. Ieder mens is uniek. Als je ten volle accepteert wie je bent, kun je van de meeste waarde zijn voor je omgeving.”

Inmiddels is hij weer aan het werk en implementeert SAP, een softwarepakket voor bedrijven. “Ik ben nu een heel andere manager en loop op blote voeten door de gang.”

We drinken onze thee op en nemen dan afscheid. Soepel stapt Jan Bert op de fiets, de zon in.